De dansen

Op dit gedeelte van de site wordt een aantal dansen nader belicht. Iets over het karakter van de dans en een klein stukje geschiedenis.

Klik in op het menu rechts om direct naar de dans te springen.

Cha Cha

Rond 1950 is deze dans ontstaan vanuit de mambo. De oorsprong ligt in Cuba van waaruit het overwaaide naar Europa en direct populair werd. Het is nog steeds één van de populairste dansen bij zowel scholieren als volwassenen.
In de dans wordt door de dansers een spel van aantrekken en afstoten gespeeld. De Cha cha heeft grote overeenkomsten met de rumba.
De dans wordt voornamelijk op de plaats gedanst, men beweegt zich dus niet over de hele dansvloer.
Het accent in deze 4 kwartsmaat ligt op de tellen 4-&-1. Dit wordt dan ook vaak met de voeten gedanst. Hieraan heeft de dans ook zijn naam te danken. Het is namelijk de klanknabootsing van de slippers tijdens dit accent.
Het tempo ligt op 30-32 maten per minuut.

Jive

Deze dans behoort tot de zogenaamde Latijns-Amerikaanse dansen ondanks dat de oorsprong in Noord-Amerika ligt. Jive is eigenlijk een verzamelnaam van dansen. Tijdens de tweede wereldoorlog namen Amerikaanse soldaten verschillende dansen mee naar Europa, waaronder de Jitterbug en de Lindy Hop. Deze dansen waren nogal wild. Men kwam zelfs voor het eerst met beide benen van de grond omdat er sprongen in werden gemaakt. Voor Europese begrippen was dit eigenlijk ‘not-done’. In Engeland werd het dan ook bijgeschaafd zodat het beter paste in het ‘beschaafde’ Europa. Zo ontstond de Jive zoals wij hem nu kennen, een snelle, vrolijke, swingende dans met verticale bewegingen vanuit de knieën en horizontale bewegingen vanuit de heupen.
De accenten in deze vierkwarts maat zijn op de tellen 2 en 4. Er wordt voornamelijk op de plaats gedanst, men beweegt zich dus niet over de hele dansvloer.
Het tempo kan variëren van 33 tot wel 48 maten per minuut.

Rumba

Eigenlijk is deze dans Afrikaans. De negers, die als slaven naar Cuba werden gebracht, namen hun dansen en gezangen mee naar Cuba. Ze bleven hun eigen cultuur trouw ondanks de zeer beperkte bewegingsvrijheid. Hierdoor is deze dans ook een ‘non-moving’ dans. In de jaren 30 van de vorige eeuw kwam de rumba naar Europa, waar met name de Fransen de dans verder ontwikkeld hebben. Het verhaal wat uitgebeeld wordt is dat van het verleiden en verleidt worden. Aantrekken en afstoten.
Het rustige meeslepende ritme wordt in een vierkwarts maat gespeeld en heeft een tempo van 25-29 maten per minuut.

Samba

Het ritme van deze dans is ontstaan in Afrika. De negerslaven namen de muziek mee naar Brazilië, waar het de nationale dans is geworden. Bij elke feestelijke gebeurtenis wordt Samba-muziek gespeeld en uitbundig gedanst. Wij kennen het voornamelijk van het carnaval in Rio de Janairo. Hier in Europa dansen wij toch een meer gestandaardiseerde versie. Wel zeer progressief, dus met veel verplaatsingen over de dansvloer. De samba is de vrolijkste Latijns-Amerikaanse dans.
Het tempo van deze tweekwarts maat ligt tussen de 50-56 maten per minuut.

Paso Doble

Deze dans komt uit Europa. Uit Spanje om precies te zijn. Paso Doble betekent dubbele pas. De muziek wordt gespeeld bij het stierenvechten. Het is een mars en klinkt dan ook zeer stoer en mannelijk. In de dans is de heer is de matador en de dame ‘el capa’, de rode doek. Samen beelden ze het stierengevecht uit. Ook zijn er elementen uit de Flamenco aanwezig zoals de apél. De dans kent veel verplaatsingen
De tweekwarts maat wordt gespeeld met ongeveeer 62 maten per minuut.

Quickstep

De meest bekende en gedanste dans op feesten is de quickstep, ook wel foxtrot genoemd. Dit zorgt soms voor misverstanden omdat er ook een dans is die slow foxtrot heet.
Rond 1924 werd de foxtrot, een dans waarin de vos (fox) werd uitgebeeld, steeds sneller gespeeld. Het werd te moeilijk en men veranderde er het een en ander aan. Zo ontstond een nieuwe dans, de quickstep. Bij de quickstep verplaatst men zich vlot en vloeiend door de zaal. Het tempo is tussen de 48 en 52 maten per minuut. De maatsoort is een 4 kwarts maat met een accent op 1e en 3e tel.

Engelse Wals

De Engelse wals wordt ook wel de langzame wals genoemd. De basispas dateert uit de jaren 20 van de vorige eeuw. De Engelse wals is een zachte, romantische dans met veel golfbewegingen. Dit is goed hoorbaar in de muziek. De driekwarts maat wordt gespeeld met een sterk accent op de 1e tel.
Het tempo ligt tussen de 28 – 30 maten per minuut.

Tango

Hoewel deze dans uit Argentinië, Zuid-Amerika, komt rekenen we hem niet tot de Latijns-Amerikaanse dansen maar tot de Ballroom dansen. Dit omdat hij in Engeland is gestandaardiseerd (gekuist) nadat de dans, in zijn pure vorm, in 1914 door het Vaticaan in de ban werd gedaan. Kenmerkend zijn de strakke, staccato bewegingen waarin geen rijzen en dalen voorkomt. Ook is de danshouding iets compacter dan de andere Ballroom dansen.
Het tempo van de tango ligt tussen de 30-33 maten per minuut. De maatsoort is een 2 kwarts maat.

Slow Foxtrot

Onstaan in Amerika in de jaren 20 van de vorige eeuw. De slow foxtrot is een dans die sinds 1927 zo genoemd wordt. Oorspronkelijk werd de slow foxtrot heel snel gedanst. Tegenwoordig wordt hij langzaam gespeeld. Het is een zachte, dynamische dans. Karakteristiek voor deze dans is de golvende beweging die alsmaar door gaat. Het lichaam blijft altijd in een vloeinde beweging. Er zijn geen stops, geen sluitpassen. Dit maakt hem tot misschien wel de moeilijkste dans.
De muziek is geschreven in een vierkwarts maat met 28 – 30 maten per minuut.